Tajadas

Tajadas zijn schijfjes bakbanaan die goudbruin gebakken zijn in olie. In Venezuela kom je ze ook vaak tegen onder de naam platano (=banaan, duh). Ze vormen het eenvoudigst onderdeel van de pabellon criollo (op de rijst na).

Toch zijn er een aantal zaken waar je op moet letten:

  • (misschien ter overvloede) neem bakbananen en geen “gewone” bananen,
  • de bananen moeten rijp zijn, ze mogen niet te groen zijn. De schil mag best bedekt zijn met een paar bruine vlekken,
  • gebruik geen olijfolie. De smaak van de olijfolie kan dan gaan overheersen. Gebruik liever zonnebloemolie,
  • bak de schijfjes tot ze goudgeel, tegen het bruine aan, worden. Wees wel voorzichtig dat ze niet aanbranden. In tegenstelling tot bijvoorbeeld frietjes zal de banaan niet snel krokant worden en dat is ook niet de bedoeling. Ga daar dus niet op staan wachten, want dat wordt de kans dat de boel aanbrandt alleen maar groter.

Met al deze zaken in het achterhoofd volgt hier het recept:

Ingrediënten

bijgerecht voor 2 personen

  • 1 bakbanaan
  • zonnebloemolie

Bereidingswijze

Snij de banaan in schijfjes van ongeveer 0,5 – 1 centimeter dikte.

Verhit de zonnebloemolie in een pan. De hoeveelheid olie moet zodanig zijn dat als je de schijfjes in de pan doet, ze volledig bedekt zijn.

Bak de schijfjes tot ze goud-geel worden. Ze mogen richting brui gaan, maar laat ze onder geen beding zwart worden en verbranden!

Schep ze uit de pan en laat ze uitlekken op een bord met keukenpapier.

Serveer ze warm als bijgerecht bij vlees, vis of als onderdeel van de pabellon.

(Ik had mooie foto’s van gebakken banaan, maar door SD-kaart gerelateerde problemen zijn de foto’s verloren gegaan voor het nageslacht. De volgende keer dat ik tajadas maak, zal ik nieuwe foto’s schieten en bij het recept plaatsen. Tot die tijd kun je verlekkerd kijken naar deze serie foto’s van gErardo D. op Flickr.)

Michelle Obama’s shortbread cookies

Lieve Internet, de laatste keer dat we elkaar spraken, is alweer bijna twee maanden geleden (kruid- en pepernoten uitgezonderd). In die maand ben ik verhuisd naar een nieuwe stad, begonnen aan een nieuwe baan en heeft de US&A een nieuwe president gekozen.

Dat laatste noem ik niet omdat ik denk dat Obama een hand heeft gehad in mijn verhuizing en verandering van baan (toch?), maar omdat ik door de verhuizing etc. geen tijd gehad heb om te schrijven over de verkiezingen. Uiteraard zou het neit gaan om diepgaand politiek analyse (dat kun je beter overlaten aan de experts), maar om een verslag van de Family Circle Presidential Cookie Bake-Off!

Elke 4 jaar, zo vlak voor de verkiezingen, houdt het Amerikaanse tijdschrift Family Circle een wedstrijd onder de potentiële First Ladies. Ze leveren allemaal een (eigen) recept voor koekjes en de lezers van het blad stemmen op het lekkerste recept. Lijkt allemaal heel onschuldig, maar de winnaar van de bake-off is tot nu toe ook steeds First Lady geworden (of gebleven). Er staat dus veel op het spel!

Bij de verkiezingen van 2004 heb ik veel aandacht besteed aan de wedstrijd en dit jaar wilde ik dat weer doen, maar door de verhuizing had ik alleen nog tijd om de avond vóór de verkiezingen (net twee dagen in mijn nieuw huisje) het recept voor shortbread cookies van Michelle Obama uit te proberen. Zie het als mijn kleine bijdrage aan het “Yes, we can!” fenomeen. En niet zonder resultaat, want hoewel de oatmeal-butterscotch cookies van Cindy McCain de bake-off hebben gewonnen, zit Michelle Obama vanaf 20 januari in het Witte Huis. Voor het eerst in haar bestaan heeft de bake-off de winnaar van de verkiezingen niet voorspeld!

De bake-off had dit jaar trouwens nog een primeur. De recepten werden verzameld toen de Democratische voorverkiezingen nog in volle gang waren en naast Obama ook Hillary Clinton (de oorspronkelijke aanstichter van de bake-off!) nog in de race was om presidentskandidaat te worden. Om die reden moest potentiële First Dude Bill Clinton ook een recept inleveren en deden er dus drie recepten mee aan de wedstrijd.

Ingrediënten

  • 300 gram boter
  • 350 gram suiker
  • eigeel van 2 eieren
  • eiwit van 1 ei, luchtig geklopt
  • scheutje Amaretto (bij gebrek aan door mij vervangen met Triple-sec)
  • 1 eetlepel citroenrasp
  • 350 gram bloem
  • snufje zout
  • handjevol gedroogde fruit in stukjes (pruimen, abrikozen, perziken)

Bereidingswijze

Meng in een grote beslagkom de boter en de suiker. Dit werkt het beste als de boter al wat zacht is en dus niet direct uit de koelkast komt. Voeg langzaam het eigeel toe en blijf roeren tot je een gladde mix hebt. Meng vervolgens de likeur en de citroenrasp. Voeg de zout toe.

Voeg nu beetje bij beetje, onder voortdurend roeren, de bloem toe. Blijf roeren tot je een homogene deeg hebt zonder klonten.

Bedek een bakplaat met bakpapier en spreid het deeg over de plaat. Probeer het deeg gelijkmatig over de plaat te verdelen en zo plat mogelijk te krijgen.

Bestrijk de bovenkant van het deeg met het opgeklopte eiwit en bestrooi het met wat suiker en het fruit.

Het geheel gedurende ‘n 25 minuten bakken in de oven op 170 graden. Na de 25 minuten in de oven, met de deur op een kier, laten afkoelen.

Tot slot in stukken snijden (koekjes van 5×5 cm) .

Yes We Can!

Kruidnoten vs. pepernoten

Bekend met het verschil tussen pepernoten en kruidnoten? Nee? Dan ben je in goed gezelschap. Dit heeft mede eetblogger Meneer Wateetons (een naam die veel vragen oproept: wie wordt er bedoeld met “ons”? Waarom worden ze ergens door opgegeten? En inderdaad, “wat” eet ze dan?) er toe gebracht om voor eens en altijd het verschil duidelijk voor iedereen uiteentezetten op de site needatzijnkruidnoten.com.

Gaat heen en bestudeer het, zodat je komend weekend bij het suprises uitpakken je vrienden en familie kunt imponeren met je enorme kennis van strooigoed.

Pabellón criollo: het nationale gerecht van Venezuela

Hét nationale gerecht van Venezuela is toch wel de pabellón criollo. De criollos waren de in de koloniën geboren afstammelingen van de Spanjaarden, maar het woord wordt tegenwoordig vooral gebruikt om zaken aan te duiden die van het land zelf komen. Het woord pabellón betekent in deze context vlag, wat het dus maakt tot de vaandel van de Venezolaanse keuken. Het was (en is) dan ook vaste prik als mijn moeder gasten uitnodigt en ze iets van haar geboorteland wil laten proeven.

Overigens vind je door heel het Caribisch gebied variaties terug van de pabellón. Zo is de bandera dominicana (letterlijk Dominicaanse vlag!) het nationale gerecht van de Dominicaanse Republiek en eet men in Cuba (en de Canarische eilanden) ropa vieja (letterlijk oude kleren). Dit laatste verklaart waarschijnlijk de gemeenschappelijke oorsprong van deze gerechten, een manier om de oude kleren (kliekjes) op te maken.

Tegenwoordig gebruikt men geen kliekjes voor de pabellón en is het een op zichzelf staande maaltijd. Aan het aantal verschillende ingrediënten merk je echter nog wel iets van de aard van het ontstaan van het gerecht. De pabellón bestaat namelijk uit 4 verschillende onderdelen:

  • carne mechada: gekruid en “gescheurd” draadjesvlees gestoofd in een saus op basis van (o.a.) tomaten (inderdaad ook ideaal als arepavulling),
  • witte rijst,
  • caraotas: zwarte bonen, eerst gekookt en vervolgens gebakken, en
  • tajadas: gebakken schijfjes bakbanaan.

Deze onderdelen zijn als de vier wielen van de pabellón-mobiel. Ze dragen alle vier bij aan de smaak van het gerecht en dienen met uiterste zorg bereid te worden. Ja, zelfs de simpele witte rijst speelt een rol van belang; het mag niet te romig, maar ook niet te droog zijn en onder geen beding teveel aan elkaar plakken.

(Het verhaal gaat trouwens dat de kleuren van de verschillende ingrediënten ook symbool zouden staan voor de verschillende groepen die de Venezolaanse bevolking opmaken: de oorspronkelijke autochtone bevolking, de Spaanse kolonisten en de afstammelingen van de uit Afrika gehaalde slaven.)

Hoewel ik weinig vrije tijd voorzie de komende weken (in mijn zeer nabije toekomst staat me een verhuizing te wachten), hoop ik de recepten voor de verschillende onderdelen binnenkort op de site te kunnen zetten.

Foto van Seamar31 op Wikipedia.

Reina pepeada

Als je na een avond stappen, na de laatste ronde en het laatste plaatje, op weg naar huis bent, is het verlangen groot om te snacken. De grootte van dat verlangen is doorgaans evenredig aan de hoeveelheid alcohol die tijdens de avond is genuttigd.

Dit is een universeel gegeven. In Nederland worden snackbars en shoarmatenten bezocht. In Engeland gaat men aan de curry. In Chicago haalt men hotdogs en scheldt men het personeel uit.

In Venezuela gaat men naar een arepera om arepas te halen. In Caracas hebben mijn neven me meedere keren meegenomen naar de Casa del Llano. Het aantal vullingen waaruit je kan kiezen voor je arepa is groot, maar op advies koos ik de eerste keer voor de “reina pepeada”: een arepa gevuld met een kip-avocado salade. Een van de traditionele en meest populaire vullingen en sindsdien ook één van mijn favorieten.

Ingrediënten

vulling voor minstens 4 arepas

  • 4 versgemaakte arepas
  • 1 ui
  • 2 kipfilets (+/- 300 gram)
  • 2 avocado’s
  • snufje zout
  • snufje peper
  • 1 eetlepel citroensap
  • 1 eetlepel worcestersaus
  • paar eetlepels mayonaise
  • 1 theelepel mosterd
  • olijfolie

Bereidingswijze

Snijd de kip in kleine blokjes of reepjes. Snipper de ui.

Verhit wat olie in een braadpan en bak de ui tot die glazig begint te worden. Voeg de kip toe en breng op smaak met peper en zout. Bak de kip tot ze goudbruin en gaar is. Voeg halverwege de citroensap toe.

Haal de kip van het vuur en breng het van de pan over in een slakom. Pel de avocado’s, snijd het vruchtvlees in stukken en doe het bij de kip. Roer de worcestersaus, de mayo en de mosterd door de kip-avocado mix.

Snijd je versgebakken arepas open en vul ze met de kip en avocado. Heerlijk!

Optioneel kun je de kip en avocado na bereiden een paar uur laten afkoelen in de koelkast. De vulling kun je ook als bijgerecht eten, als een soort kip-avocado salade.

Arepas

Als vroeger weleens vriendjes bij ons thuis kwamen eten en mijn moeder iets Spaans of Venezolaans klaar had gemaakt, dan moesten mijn zusje en ik vaak uitleggen aan de gast wat er nu precies op zijn bord lag. Als mijn moeder arepas gemaakt had, dan noemde ik dat “Venezolaans brood”.

Arepas zijn namelijk platte broodjes, die gebakken worden van voorgekookte maïsmeel. In Venezuela (en andere delen van Zuid-Amerika) worden ze gegeten bij het ontbijt (gevuld met kaas of ander beleg), als snack of als begeleiding bij een maaltijd. De arepa is ook de snack bij uitstek voor als men na een avondje stappen een vette bek wil halen.

Mijn 8-jarige ik zat er dus niet ver vandaan, ze vervullen een soortgelijke rol, als brood hier in Nederland. Arepas waren dan ook het maïsbrood van de oorspronkelijk bevolking van wat later Venezuela en Colombia werd.

De maïsmeel waar de arepas van gemaakt worden, is in Nederland helaas niet zo makkelijk te krijgen als in Venezuela, waar de schappen in de supermarkt er mee vol staan. Gelukkig kun je in de betere toko’s Harina P.A.N. kopen, het meest populaire en grootste merk in Venezuela.

Ingrediënten

voor 8 arepas

  • 2,5 kop Harina P.A.N. (voorgekookt maïsmeel)
  • 2,5 kop water
  • eetlepel zout

Bereidingswijze

Doe het water in een beslagkom en los daarin het zout op. Voeg de maïsmeel toe en meng het tot je een bol deeg hebt. Kneed het deeg met je handen tot alle klonten verdwenen zijn en het deeg niet meer aan je vingers blijft plakken. Let er wel op dat het deeg niet te droog wordt en uit elkaar valt. Besprenkel het desnoods met een klein beetje water om dit te voorkomen.

Bedek de kom met een theedoek en laat het deeg zo’n 10-15 minuten rusten.

Verdeel het deeg in 8 gelijke porties en vorm de porties tot platte taartjes ter grotte van een hamburger.

In Venezuela verkopen ze speciale apparaten, een soort tosti-ijzers, waarmee iedereen in staat is om arepas te maken. Je zou zo’n apparaat (of je echte tosti-ijzer) kunnen gebruiken, maar dat is voor lafaards die van vals spelen houden.

Verhit een grillpan op hoog vuur en grill de arepas zo’n 5 minuten aan elk kant. De kunst zit hem er in dat je arepas aan de buitenkant een krokant korstje krijgen, maar aan de binnenkant nog een beetje vochtig blijven. Je moet het juiste punt vinden tussen te droog en nog ongekookt. Helaas kan ik niet anders zeggen dat dit alleen met ervaring komt, bij mij zijn ze tot nu toe steeds een tikkie te droog.

De arepas kun je als ontbijt eten, met kaas, ham of ander beleg. Maar je kan ze ook met anders lekkers vullen. Ik hoop deze week nog het recept voor een van de traditionele en meest populaire vullingen op de site te kunnen plaatsen.

Arepas die over zijn, worden de dag er na vaak in olie gebakken om ze weer een tweede leven te geven (net als oud brood vaak nog wordt geroosterd om het weer eetbaar te maken). De gebakken arepas kun je weer beleggen met kaas, ham, etc of ter begeleiding van je maaltijd eten.

Hoeveel ruimte nemen 1000 maltesers in?

Even een ongerelateerde post tussendoor. Alhoewel, omdat er maltesers in voorkomen, denk ik dat het toch wel een beetje een plekje heeft op Lekker Hapje.

Ik zal nu niet ingaan op de redenen, maar ik zocht vandaag naar een antwoord op de vraag: “hoeveel ruimte nemen 1000 maltesers in?” Let wel, geen Maltezers, want dan valt het antwoord volgens mij een stuk hoger uit. Bovendien is het ook een stuk lastiger om aan 1000 Maltezers te komen.

Volgens mij heb ik het antwoord gevonden, maar in het kader van wetenschappelijke verantwoordelijkheid, wil ik mijn methode hier beschrijven en ter toetsing overleggen aan de bezoekers van Lekker Hapje.

Allereerst heb ik de straal van een malteser bepaald. Ik heb uit de automaat op kantoor een zakje maltesers getrokken. In dit zakje van 37 gram zaten 17 maltesers. Gemiddeld heeft een malteser dus een massa van 2.2 gram.

16 Maltesers langs een lineaal

Om de straal te bepalen, heb ik alle 16 maltesers (had er inmiddels al eentje soldaat gemaakt) langs een liniaal gelegd. Een rij van 16 maltesers is ongeveer 29 centimeter lang, wat een gemiddelde straal oplevert van 0.9 cm.

Uit deze straal (r) valt eenvoudig de inhoud van 1000 maltesers uit te rekenen:

4/3 * ? * r³ * 1000 = 0.003 m³ = 3 liters

Duizend maltesers nemen dus een volume van ongeveer 3 liter in beslag. Maar dit betekent niet dat je duizend maltesers in 3 lege literpakken melk kunt krijgen. Immers, tussen de Maltesers in zal altijd wat ruimte zitten die je niet kunt vullen met luchtig biscuit bedekt met heerlijke melkchocola.

Heel even vreesde ik dat diep in mijn geheugen zou moeten vragen en beroep zou moeten doen op de lang geleden gevolgde colleges analyse om antwoord te kunnen geven op deze vraag. Gelukkig besefte ik me net op tijd dat ik zelf niet hoef na te denken, er is vast iemand die dat al voor me gedaan heeft en het resultaat op Internet heeft gezet!

We hebben hier te maken met de vraag hoeveel volume 1000 kleine bolletjes innemen als je ze op elkaar stapelt. Wikipedia meldt dat als je perfecte bollen ideaal zou stapelen binnen een bepaald volume, je dan slechts 74% van dat volume effectief zou vullen. De overige 26% is dan de ruimte tussen de bollen in. Voor de 1000 maltesers (voor het gemak als perfecte bolletjes gezien) zou je dus een volume nodig hebben van iets meer dan 4 liter (3/0.74).

Een ideale verdeling zal helaas niet haalbaar zijn. Gelukkig biedt Wikipedia ook hier uitkomst (is er iets wat Wikipedia niet weet?). Empirisch heeft men bepaald dat bij het willekeurig stapelen van bolletjes, je doorgaans 64% van het beschikbare volume daadwerkelijk gebruikt. Dan heb je voor de 1000 maltesers een volume nodig van 3/0.64 = 4.7 liter.

Dus, grofweg kunnen we zeggen dat 1000 maltesers zo’n 4.7 liter in beslag nemen en ongeveer 2.2 kilo wegen.

Klopt mijn verhaal een beetje? Maak ik nergens domme denk- of rekenfouten? Schiet er maar op los!

Update, om helemaal volledig te zijn:

Om 1000 maltesers te krijgen zou ik 59 van die kleine zakjes uit de snoepautomaat moeten trekken. À 70 cent per stuk, zou me dat € 41,39 kosten.

Je kan natuurlijk ook de grotere zakken van 175 gram kopen. Als we er van uitgaan dat daar ongeveer 80 maltesers in zitten, heb je 13 van dIe grote zakken nodig. À € 1.94 per zak, kost je dat € 25,22.

Terug van vakantie

Ik ben inmiddels al twee weken terug van een welverdiende vakantie. Al met al ben ik 4 weken weggeweest (nog nooit zo lang vakantie gehad sinds ik een baan heb) en voordat ik jullie ga vervelen met alle ideeën voor de site die ik in de weken opgedaan heb (en die de site uiteindelijk gewoontegetrouw nooit zullen halen), wil ik eerst Il Capitano bedanken en prijzen voor zijn Chinees buffet magnum opus. Zijn Chinese recepten hebben de site draaiende gehouden tijdens mijn vakantie.

De 4 weken vakantie waren onderverdeeld in 8 dagen Griekenland (Lesbos) met Angelique en 2,5 week Venezuela, op bezoek bij de familie. In beide landen heb ik het uitstekend naar mijn zin gehad, veel gezien, genoten van zon & zee en ook veel inspiratie opgedaan voor de site.

Gevuld inktvis

Op Lesbos gingen we elke avond weer ergens anders eten en hebben we ons uiteraard flink uitgeleefd op al het lekkere Griekse voer: moussaka, souvlaki, bifteki, feta saganaki, gevuld intkvis (zie foto), courgette taart, gefrituurde courgettebloemen, héél véél tzatziki, gevulde wijnbladeren, kleftiko, zongedroogd octopus van de grill en op de laatste avond een heerlijke pita gyros als afsluiter. Allemaal erg smakelijk en ik ga zeker mijn best doen om een aantal recepten op de site te krijgen. (Als een van de lezers trouwens goede Griekse recepten heeft, houd ik me warm aanbevolen!)

In Venezuela heb ik me overlegeverd aan mijn familie, die me gedurende 2,5 week hebben onderhouden en vermaakt. Naast alle familiebezoek hebben we een rumproevrij gedaan bij de rumstokerij Santa Teresa, zijn we 5 dagen naar het strand geweest in het natuurpark Morrocoy en twee dagen naar het paradijselijke eilandengroep Los Roques. Dat laatste kan ik niet genoeg aanbevelen en is een plek waar ik zeker snel weer naar toe wil gaan.

Parrillada

Uiteraard heb ik in Venezuela ook erg lekker gegeten en ik zou me eigenlijk moeten schamen dat na bijna 4,5 jaar Lekker Hapje nog steeds geen Venezolaanse recepten op de site staan. Ik ga daarom ook op dit punt mijn best doen om de site snel aan te vullen met recepten voor typische Venezolaanse lekkernijen als arepas, caraotas, hayacas en meer.

Genoeg dus om mij de komende tijd zoet te houden en de site van nieuwe recepten te voorzien.

Chajidan (thee-ei)

This entry is part 11 of 11 in the series Chinees Buffet

Dit is een gerecht uit de serie “Chinees Buffet”.

Het laatste recept alweer, maar zeker een hele leuke om te maken. Bij Aziatische buffetten ontkom je niet aan het ei. Als voorbeeld hiervoor natuurlijk ook het Indische Telor Kerrie. Het leuke van de Chinese thee-eieren is dat, wanneer alles goed gaat, ze er erg mooi en gemarmerd uit komen te zien.

Ingrediënten

  • 10 eieren
  • 3 eetl kikkoman
  • 3 eetl kookwijn
  • 1 steranijs
  • 1 eetl suiker
  • 1 kaneelstokje
  • 3 plakken gember
  • 3 eetl zwarte thee

Bereidingswijze

Kook de eieren tot ze goed hard zijn. Vervolgens moeten de eieren niet gepeld worden, maar getikt. Met een lepeltje moet je ervoor zorgen dat de schaal overal gebarsten is, maar wel nog het ei volledig omsluit. Doe alle overige ingrediënten in een pan. Let er op dat met zwarte thee niet al gezette thee wordt bedoeld, maar de thee zelf, dit dus. Voeg 1 liter water toe en kook alles 20 minuten. Voeg daarna de eieren toe en laat alles nog 45 minuten pruttelen.

Tofusalade

This entry is part 10 of 11 in the series Chinees Buffet

Dit is een gerecht uit de serie “Chinees Buffet”.

Het grote voordeel van een koude salade tijdens een buffet is natuurlijk dat je deze aan het begin kan maken en dan kan wegzetten om er pas weer naar om te hoeven kijken wanneer alles uitgeserveerd wordt. Verder is deze volledig vegetariër-verantwoord, maar mogen niet-vegetariërs er natuurlijk ook van eten.

Ingrediënten

  • 1 komkommer
  • 1 blok tofu
  • 1 tl gember
  • 1 eetl kikkoman
  • 1 tl sesamolie
  • 2 teentjes knoflook
  • 1 rode peper
  • 1 blikje naaldpaddestoelen

Bereidingswijze

Salades met komkommer hebben sterk de neiging al snel te veranderen in een grote drassige bende. Gelukkig is daar wat aan te doen met een klein beetje extra inspanning. Snijd de komkommer in de lengte door en haal met een lepel het zachte midden met de zaadjes er uit. Snijd dan de komkommer in blokjes van het formaat dat je graag in de salade wenst te hebben. Doe deze dan in een vergiet en bestrooi de komkommer met zout. Nu volgt een dehydratie proces dat sterk lijkt op hetgeen we bij de Disanxian en de Yuxiangqiezi met de aubergine gedaan hebben.

Vervolgens is het een questie va de tofu in blokjes snijden, de gember en knoflook raspen, de peper heel fijn snijden en alles mengen. Misschien wil je niet alle naaldpaddestoelen erdoor doen, dus beter doe je er eerst een deel van door de salade, meng je alles en kijk je dan of je er niet meer door wilt doen.